Poëzie-Leestafel

...

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte
Jenny Dejager
 Jenny Dejager

Recensie over de bundel "Naast de liefde"

geschreven door Thierry Deleu

 
Naast de liefde
Jenny Dejager

 

Vormelijk een bijna volmaakt evenwicht tussen parlando en poesie pure

Inhoudelijk een sterk liefdesverhaal over onvergoed gemis

 

Achteraan haar nieuwe bundel schrijft Jenny Dejager dat “poëzie geen taal is om uit te leggen. Een gedicht kan niet worden vertaald in proza. Als schepper van een gedicht voel ik niet de behoefte om een verklaring af te leggen voor datgene wat mij ertoe beweegt een gedicht te schrijven”.

Een beetje vergoelijkend voegt zij hieraan toe: “Wanneer ik na maanden of soms jaren een gedicht opnieuw lees, kan het ook voor mij een andere betekenis krijgen dan wat ik er oorspronkelijk mee bedoelde.”

Dat is juist. Of bedoelt de dichteres hier dat zij afstand neemt van wat zij voelt, van haar “beladen” emoties en haar “lustgevoelens”? Is zij bang voor het oordeel Gods? Ik beaam met haar dat een gedicht altijd nieuw is, maar “je offert toch je mooiste dromen” niet op aan het oordeel van de mensen.
Ik lees het graag en wel honderdmaal: “Mijn hart klopt anders als de stilte mij bewoont”.

De dichteres zwangert van herinneringen. Zo ziet ze haar “onthecht arm in arm” lopen met haar geliefde. “Alle onbeschaamdheid is geweken”, schrijft ze. Wat bedoelt zij hiermee? Dat zij zich emotioneel heeft vastgepind in haar kleine wereld van toen? Of is zij niet langer beschaamd om haar liefde te tonen voor wie haar enkel (nog) op afstand kan beroeren? Is dit onafgewerkt afscheid haar “eenzaam geluk”?

De dichteres smeedt een complot “met (haar) jongste woorden”. Wat zij niet zeggen kan, schrijft ze neer in haar gedichten die opvallen door “hun minst gekunstelde vorm”. Vorm is belangrijk, maar de gevoelens die een dichter openbaart, kunnen niet worden opgespannen in een keurslijf. Haar “deur gaat op slot” en zij vouwt “het water in de plooi van de troost.” Ze heeft zich door de jaren heen gewapend om niet weer onderuit te gaan door verdriet, door gemis aan respons, door een onbevredigd hunkeren naar kleine liefkozingen.

En als het verleden weer opduikt achter de mist van haar gedachten of in de plooien van haar dromen zoekt zij soelaas in de lach van “de clown”. De humor en de wijze waarop de dichteres relativeert, houden haar overeind. En in de roes van de wijn “begrijpen de sterren wat er blijft hangen tussen de wandeling en het verlangen”.

Toch heeft de dichteres vaak de behoefte om zich te verbergen voor de boze wereld, enerzijds in haar dromen en anderzijds in de woorden van haar eigen gedichtentaal. Vooral wanneer zij onomwonden de waarheid aan het papier toevertrouwt: “Afscheid kwam van hem/Het weggaan was voor haar”. En wanneer zij “aan het einde van de laan zijn wagen geparkeerd” ziet staan, wordt zij door hunker overmand.

Het is overduidelijk dat de dichteres lijdt aan een ongeneeslijke liefdespijn en dat zij wordt gekweld door een rits herinneringen waar de eindigheid geen vat op heeft. “Al reikt dit gevoel te ver, al ligt/de verwachting op de bovenste tree/van alle trappen, al wacht ik nog steeds/alsof het mij opnieuw kan verheugen,” schrijft zij in het gedicht “Bij een oude foto”. Zij wil aandacht, ze wil worden begeerd, ze wil zich vrouw voelen tot in haar vezels. Ze doet er alles aan, maar ze krijgt geen of te weinig gehoor. “Ik wil mijn strooien hoed hoog in de lucht gooien/om wat aandacht voor mijn rode krullen./Ik wil in de vijver springen met mijn poepchique/jurk.”

“En toen het voorbij was zei jij/dat ik nooit zou kunnen vliegen.” Wat heeft een dichter/dichteres meer nodig als motief om te schrijven? Is dit niet de ultieme prikkel? Om hem en de wereld te verkondigen dat zij het waard is om lief te hebben? Zich afreageren en zich bevestigen, de twee drijfveren bij uitstek van zoveel schrijvers en dichters, beeldende kunstenaars en kunstenaars in het algemeen.

Voor wat haar poëzie betreft, neemt Jenny Dejager een hoge vlucht. Haar gedichten zijn gaaf, eenvoudige woorden die bruisen van drift, in een vrije versvorm waarvan de taal een bijna perfect evenwicht vindt tussen spreektaal en gedichtentaal. Of haar boodschap diegenen bereikt waarvoor zij is geschreven, weet ik niet, maar de lezer zal de dichteres een eind volgen in haar zoektocht naar rust en bezinning. De dichteres is “op zoek/naar een rustig/nietsvermoedend middel/om mij vrij te maken,/mij uit te kleden voor mezelf,/louter mezelf.”

Jenny Dejager heeft mij in haar poëzie “bij de hand” genomen, “als een wandelaar door het bos van (haar) huis”. Samen gaan wij op zoek naar waarheid en leugen en horen “vogels zingen over leugens/die kunnen gestolen worden.”

Wat mij herhaaldelijk opvalt, is de twijfel bij de dichteres die zich nu eens uitbundig uitlaat over haar grote gevoelens en dan weer ineenkruipt in een hoekje met een boekje. In een hoekje met haar gedichten, in een oud verhaal met nieuwe woorden, in een nieuwe bundel. Nu eens “voelt haar hart vertwijfeling” en is zij “ongelofelijk kwetsbaar”, een andere keer is zij “een zwarte hengst/dravend door het gele zand/van (haar) schitterend verdriet”.

Genoeg over de inhoud van de bundel, over het gemoed dat de dichteres overheerst, laten we onze aandacht schenken aan de kwaliteit van haar poëzie. Mooie gedichten. Eén enkele keer wordt een gedicht “ontluisterd” door een spreektoon die te zakelijk overkomt voor dit soort gevoelens. Eén enkele keer. Jenny Dejager gaat heel suggestief om met de taal, weet de lezer herhaaldelijk te verrassen met een metafoor of vergelijkingen, beelden die in hun kleinschaligheid een hele wereld oproepen. Zij schrijft helder en toch omfloerst, open en toch bevangen, soms met cliché beelden die zij weet om te zetten in geladen betekenissen die verrassen.

Zij onttrekt zich geleidelijk aan het eigen lot, de strikt persoonlijke ervaring waardoor haar poëzie universeler wordt en minder puur therapeutisch. Dat zij “zich zichzelf lekker huldigt in haar warme cocon van dichter zonder ook maar iets prijs te geven over haar privé leven,” zoals een recensent beweert, is niet juist, het zou bovendien een gruwelijke vergissing zijn.

Jenny Dejager is een goede dichteres. Haar nieuwe bundel Naast de liefde is een aanrader!

Thierry Deleu

 

Reageren? Klik hier